Meditatie: Jezus in gebedsnood
Wat zal Ik zeggen? ( Johannes 12:27)
De Heere Jezus laat ons in Zijn hart kijken. Hij is hevig ontroerd. Nu is Mijn ziel ontroerd. Wat is de oorzaak? Het verzet van de kant van de Joden groeit en nu zijn er Grieken die naar Hem vragen, die Hem zó willen aanvaarden. Wat is de verzoeking groot om het ondankbare Israël los te laten en zo naar de heidenen te gaan. Men nodigt Hem uit! Bovendien wordt Jezus hier geplaatst voor dat ontzaglijke lijden. Wat heeft Hij daar tegenop gezien. Waarom? Omdat Hij Zich gereed maakt om als Borg Zijn God en Vader te ontmoeten in Zijn toorn tegen de zonde.
Kennen we iets van die ontroering? Zie eens, hoe Christus voor dat oordeel beeft. Hij zegt het hardop. Ze moeten het hóren, weten. Hij zoekt naar woorden voor een gebed, en Hij vindt ze niet. Wat zal Ik zeggen? Aan de ene kant begeert Hij voor de weg van het lijden gespaard te worden. Hij kent immers de sterkte van die toorn! En wat zit er dan veel aantrekkelijks in het verzoek van die Grieken. Geen lijden. Wat zal ik zeggen? Vader, verlos Mij uit deze ure? De Naam van Zijn Vader niet verheerlijken? Zijn bruid in de steek laten?
O nee! Het staat Hem helder voor ogen: Hiertoe ben Ik in deze ure gekomen! In de wereld gekomen om te lijden. Als het tarwegraan in de aarde vallen en dán pas vrucht dragen. Hij zal alleen zaad zien als Hij zijn ziel tot een schuldoffer gesteld zal hebben. Hiertoe ben Ik in deze ure gekomen! „Mijn ziel U opgedragen, wil U alleen behagen‟.
Wat een standvastigheid van de Borg! Wat een gewilligheid om die lijdensweg te gaan. Opnieuw kiest Hij er voor! Na alles wat Hij heeft meegemaakt. Hiertoe ben Ik in deze ure gekomen!
We hebben een Hogepriester Die u verstaat in uw zielsverdriet, Die eralles van begrijpt. Als uw ziel ontroert – omdat u weet dat u voor God niet kunt bestaan – zie hier uw Borg! Hij heeft het oordeel gedragen, opdat wij zouden mogen bidden: „Och, Heere, och, werd mijn ziel door U gered!
Wat wordt je dan klein: Hij zó ontroerd vanwege mijn zonden. Als ik Hem niet nodig heb als Borg, waar moet ik dan blijven? Als dit aan het groene hout geschiedt, wat zal dan aan het dorre geschieden?
Vader, verheerlijk Uw Naam! Jezus komt tot een gebed! Hij vraagt niet om verlost te worden van Zijn lijden, maar om juist door Zijn lijden God te verheerlijken. Wie deze Heere lief krijgt, begeert ook Gods eer te bedoelen. Dan bidden we in moeite en beproeving: „Voer mij uit mijn angst en noden‟, maar als het Uw wil is om me te beproeven: Vader, verheerlijk Uw Naam!
De Heere Jezus legt hier Zijn hart bloot, ook voor Zijn God en Vader. Dat is geen onbekende zaak voor Gods kinderen. In de eenzaamheid God in je hart laten kijken: „Heere, Gij weet waar het mij om gaat. Is er een schadelijke weg, leidt me in het rechte spoor. Dat het mij alleen om Uw eer te doen mag zijn. De eer van Uw grote Naam‟. Wat zal dat zalig zijn om straks eeuwig die Naam eer te mogen geven. Zijn Naam moet eeuwig eer ontvangen.
Ds. R. Kok
| < Vorige | Volgende > |
|---|


